|









|
 |
Overzicht entmogelijkheden paard
Influenza
- Basisenting 2 keer enten met 4-6 weken ertussen. Na 6 maanden
herhalen.
- Daarna minimaal jaarlijks herhalen.
Tetanus
- Basisenting 2 keer enten met 4-6 weken ertussen de enting na 6
maanden herhalen.
- Daarna elke 2 jaar enten.
- Als je bij een drachtige merrie de tetanusenting 2 maanden voor het
veulenen herhaalt hoef je het
veulen geen tetanusserum na de geboorte te
geven.
Rhinopneumonie
- Basisenting 2 entingen met 4-6 weken ertussen daarna elk half jaar
herhalen.
- Drachtige merries die niet eerder geënt zijn tegen EHV1 op 5,7 en 9
maanden van de dracht enten.
Schimmel (Insol)
- Preventief 2 maal met 14 dagen ertussen, dit elke 9 maanden herhalen.
- Bij uitbraak 2 keer enten met 14 dagen ertussen, de enting eventueel
na 14 dagen nog een keer
herhalen.
West Nile virus
- Basisenting met 3-5 weken ertussen daarna jaarlijks herhalen.
Droes (Equilis StrepE)
- Dubbele enting als paard voor beperkte tijd naar hoogrisico bedrijf
gaat.
- Paard waarvan bekend is dat het klassieke droes gehad heeft niet
enten.
- Bij uitbraak paarden die nog niet ziek zijn enten.
- Preventieve enting is eigen keuze.
- Basisenting 2 keer met maand ertussen, daarna elk half jaar herhalen.
Zowel voor Tetanus, Influenza en Rhinopneumonie en West Nile virus geldt
dat als de merrie goed geënt is, het veulen pas op 6 maanden leeftijd
zijn eerste entingen nodig heeft (maternale immuniteit via de melk).
2 keer per jaar enten tegen influenza en rhinopneumonie geeft de meest
complete bescherming tegen luchtweginfecties.
Om deel te nemen aan wedstrijden en keuringen is een jaarlijkse
vaccinatie tegen influenza vooraf gegaan door een basisvaccinatie
verplicht. Voor internationale wedstrijden is een tweejaarlijkse
vaccinatie verplicht.
Als tegen rhinopneumonie gevaccineerd wordt, moet bij voorkeur de hele
stal gevaccineerd worden.
|
 |

|